Lijst van namen en plaatsen

Achter elke naam kan je tussen haakjes de juiste uitspraak vinden.

 

A

Acheron: (Acheron) Oude legendarische stad die in de Oude Tijd het bolwerk was van het kwaad. Van hieruit trachtte een meedogeloos heerser de wereld te veroveren.

Aerall: (Aajrall) Voormalig zwaardleraar van Gewo toen die nog kind was en in Nordland woonde.

Aeram: (Aajram) Een Witte Krijger die door de Twaalf Doden gevangen genomen wordt, maar kan ontsnappen.

Aicar: (Ajkar) Jager uit het Groot Hart en avontuurlijk aangelegd reiziger die door zijn gokspelletjes wel eens in de problemen komt.

Archmaer: (Archmaar) School en genootschap van magiërs, gelegen aan Sienpiek, midden in de Grote Maerzee.

Avelaso: Noordelijk gelegen land dat bekend staat voor zijn mooie kastelen en ingewikkelde politieke spelletjes. Duels zijn hier schering en inslag.

Ay-cléysch: (Aj-cleijsh) Attentie ; geef acht.

 

B

Baer: (Baar) Voormalig soldaat die op de rand van de Verloren Kusten de verschoppelingen leidde. Nu lid van de Twaalf Doden.

Baeron: (Baajron) De Beersjamaan van de clan van de Beer. Een agent van de Witte Dame.

Bànloich: Een scheldnaam in de oude taal die zoveel betekend als klein sneeuwvlokje. Dient om iemand aan te duiden als een nietig en onbetekenend persoon.

Bànsang: De witbloedigen oftewel de Witten. De raszuivere afstammelingen van een volk van voor de Grote Oorlog.

Bànsheerg: De Witte Geesten. Een legende van vroeger verhaalt over een soort sneeuwgeesten die dood en verderf zaaiden voor ieder die hun domein dierf te betreden.

Bars: Oppervader van de Hond en leider van de Hondenwacht die instond voor de veiligheid van de Wolf en de Draak.

Bewaarders: Een orde die tot doel heeft kennis te vergaren en onder controle van een raad uit te dragen naar de bevolking ter verbetering van de samenleving.

Boden: Een agent van de Witte Dame.

Boekenwurm: Herberg in Midwacht onder beheer van de Bewaarders.

Burim: Lid van de clan van de Hermelijn.

 

C

             Càlhof: Eén van de eilanden van het Nordland.

Centaer: (Sentaar) Benaming voor een onderdeel uit het leger van Avelaso, bestaande uit honderd soldaten.

Chansa: De Godin van het geluk en de voorspoed.

Clan: De stammen van het Nordland zijn onderverdeeld in clans, met name: Hermelijn, Beer, Meeuw, Aalscholver, Zwijn, Rat, Sneeuwkat, Haas, Vos, Slang, Das, Havik, Hond en Wolf en Draak.

Clow’shbàn: (Kloow-sjban) De witte klauw, de naam waaronder Loye de rangen van de Witte Krijgers infiltreert.

 

D

Dansende Vos, de: Herberg in Kluif en geheim hoofdkwartier van de clan van de Hond.

Degen: Eén van de Twaalf Doden en voormalig soldaat van Spiewacht.

Draigoian: (Draajgoojan) Een volk van geschubte mensen met scherpe tanden en gele ogen. Van oudsher zijn ze de dienaren van een oud en machtig volk.

Drejgin: Legerleider.

Drocht: Berucht rovershoofdman met geheimzinnige trekjes.

Droen: Echtgenote van Gwyddon.

Drogtigian Flamboiren: (Drogtigian Flamboojren) Eén van de weinige overlevenden van een zeer oud ras. In zijn ware vorm een rode draak. Soms ook Drogt, soms Roch en gebruikt vele ander gedaanten om zich ongemerkt tussen de mensen te begeven.

Dronjol: Edelman uit Midwacht en verzamelaar van oude voorwerpen.

Dronjöll: Eén van de legerleiders van de Witte Krijgers.

Dhûbh: School voor Krijgskunde en Strategen. Ook school voor professioneel getrainde moordenaars.

Duim: Verlaten grensfort waar de verschoppelingen hun intrek genomen hebben.

Duncan: Lid van de Orde der Genezers.

 

E

            Eenoog: Eén van de eilanden van het Nordland.

Egide Dotuirghe: (Egide Dotujrge) Oude man, geleerde, Archmaeger en lid van de School van Sienpieck.

 

F

            Farlaet: (Farlaat) De clanvader van de Beer.

Floerick (Tharvall) Do Ulffcaer: (Floerik Tarval Do Ulfkaar) Neef van de heerser van Avelaso. Voormalig commandant van Spiewacht en nu kapitein van de Twaalf Doden.

Fiëne: Dochter van Keoba.

 

G

Genezers: Genootschap dat zich tot taak stelt mensen te genezen. Vroeger werden er aan hen een soort magische eigenschappen toegekend, die na de Grote Oorlog verloren gegaan zijn.

Gewo Bornor: Rechtmatig heerser van Nordland en man van Dhûbh, verder opgeleid tot Zwarte Schaduw.

Gothar Do Ulffcaer: (Gootar Do Ulfkaar) Heerser van Avelaso.

Groot Hart: Het grote woud dat de thuis is van het volk van de Jagers.

Gwyddon Ab Draechm: (Gwiddon Ab Draajchm) Lid van Archmaer en voormalig raadgever van Roc Bornor.

 

H

            Hamme: Bandiet uit de bende van Drogt.

Heram: Garnizoenscommandant van de Hondwacht.

Huch: Lid van de Twaalf Doden en voormalige dief.

hyerdieiren/hondpaarden: (hi-érdie-iejren) Paardachtige wezens met lang wit haar, hoeven met klauwachtige uitsteeksels, scherpe tanden waarvan de twee bovenste hoektanden uit de mond komen en rode ogen. Ze hebben een reusachtig uithoudingsvermogen en zijn het ideale strijdros.

 

I

             Iwen: Lid van de Orde der Genezers en vertrouweling van Khyra.

 

J

            Jager: Bijnaam van een lid van het langlevende woudvolk.

Janosh: Bediende van Egide Dotuirghe.

Jesin: Lid van de Twaalf Doden en voormalig misdadiger.

Joran: Voormalig soldaat uit een centaer van het leger van Avelaso en nu lid van de Twaalf  Doden.

Jorgen: Eén van de aangenomen kinderen van Droen en Gwyddon.

Juup: Soldaat van Nagel.

 

K

Kaer: (Kaar) Voormalig lid van de Hermelijn en in de leer bij Gewo in de hoop ooit een man van Dhûbh te worden.

Kars: Hoofdstad van Avelaso.

Keoba: Handelaar en karavaanleider uit het Nordland, Vader van de clan van de Hermelijn.

Kerf, de: Herberg in het oude havenkwartier van Midwacht die vooral gefrekwenteerd wordt door huurlingen.

Kluif: De meest noordelijke havenstad van het Nordland.

Khyra: (Kiera) Genezeres van het pad en later Meesteres van de Orde der Genezers.

Korbe: Lid van de Orde der Genezers en vertrouweling van Khyra.

Krol: Bandiet van de bende van Drogt.

 

L

            Leije: Lid van de Draigoian.

Leypnaer: (Leipnaar) Een Witte Krijger en luitenant van Dronjöll.

Lisl: Voormalig hoertje uit Witgoor en nu lid van de Twaalf Doden.

Loirne: (Loojrne) Lid van de Draigoian en lerares van Silke.

Lorik: Vroeger nar aan het hof van de Wolf en de Draak. Nu afwisselend klerk en huurling, naargelang wat hem het beste uitkomt.

Lorq: (Lork) Lid van de clan van de Hermelijn.

Loye: (Looje) Voormalig pelsjager die door Floerick dezelfde status krijgt als de Twaalf Doden maar een andere functie krijgt, namelijk spion en infiltrant.

Lucas: Spion van de clan van de Beer, en van de Witte Dame.

 

M

            Maef: (Maaf) Vrouw die hoofd is van de huishouding in de stad Nagel.

Maerheks: (Maarheks) Snel en sierlijk schip dat vooral de noordelijke wateren doorkruist.

Marrol: Kapitein van de Maerheks en lang geleden redder van Gewo. Hij is eigenlijk een piraat, maar hij werkt ook voor de Bewaarders.

Midwacht: Centraal gelegen stad en draaispil van handel tussen alle culturen en volkeren van de bekende wereld.

Mojhrah: (Moojrah) De godin van de dood.

Muof: Lid van de clan van de Hermelijn.

Mus: Eén van de overlevenden van Witgoor.

 

N

Nagel: Verloren gewaande stad van voor de Grote Oorlog die gelegen is onder de zee, nabij Duim.

Noord Avelaso: Meest noordelijke deel van Avelaso, bestaande uit steppegebied en ijsvlakten.

Nordland: Ruw rotsachtig en heuvelachtig land met kliffen en fjorden.

Nordof: Grootste stad van het Nordland en de huidige hoofdstad.

 

O

            Oude Tijd: De tijd voor de Grote Oorlog.

Oude Pad: Benaming van de oude geneeswijze, toegepast door de Orde van Genezers, waarbij ook een vorm van magie gebruikt werd.

 

P

            Pò: Haven in het Nordland.

Polle: Lid van de clan van de Hermelijn.

Potra: Handelsstadje in Avelaso.

 

R

            Radbraeck: Belangrijk koopman van Potra.

Rals’ Hok: De herberg van Aerall in Nordof.

Ricco: Lid van de Hondwacht.

Rijk van Mist: Bijnaam voor het dodenrijk ; de onderwereld.

Ringoot: Lid van Archmaer en Waker.

Roc Bornor: Vader van Gewo. Ter herinnering aan hem noemt Gewo zijn paard Roc.

Rodder: Voormalig soldaat van Spiewacht en nu commandant van de troepen van Nagel.

Roljöff: Belangrijkste legerleider van de Witte Krijgers en vertrouweling van de Witte Dame.

Ruwen: Voormalig pelsjager en lid van de Twaalf Doden.

 

S

            Sheéram: (Shee-eram) De oude naam van Tyreen, god van de oorlog.

Sienpiek: Grote torenin het midden van de Grote Maerzee en thuis van de school van Archmaer.

Silke: Dochter van Bars en erfdochter van de clan van de Hond.

Sloq: (Slok) Officier van de clan van de Beer en agent van de Witte Dame.

Sneeuwkat: Katachtige met de grootte van een tijger en uitstekende slagtanden.

Spiewacht: Grensfort

Spilting: Een klein vissersdorp in het noorden van Avelaso met een zusterdorp Noord-Spilting dat in het zuiden ligt van Noord-Avelaso.

Stenen Poot: Herberg in de buurt van Splinter.

Stormvliet: Stadje dat onder de directe heerschappij stond van de clan van de Wolf en de Draak en voormalige hoofdstad van het Nordland.

 

T

Troiysh: (Troj-ish) Tegelijk bevelende en verbaasde uitroep die om verduidelijking vraagt.

Twaalf Doden: Genootschap van krijgers die tot doel hebben de weinige overlevenden van Noord Avelaso te beschermen tegen de Witte Krijgers.

Twrchirfind: (Twrch-irfind) Eiland in de Grote Binnenzee en thuisland van Marrol.

Tyreen: (Tiereen) God van de oorlog.

V

            Valyon: (Valjon) Lid van de orde van Archmaer.

Veeg: Voormalig diefje uit Witgoor die in Nagel zijn lotsbestemming vindt.

Verloren Kusten: Een kustgebied dat volledig onder het ijs verdwenen is en waar misdadigers uit heel Avelaso naar verbannen worden.

Verre Haven: De meest noordelijk gelegen haven van enige betekenis voor Avelaso.

Verschoppelingen: Ontsnapte gevangenen van de Witte Krijgers en voormalige misdadigers van Avelaso die een kleine laaefgemeenschap vormen in het verlaten fort Duim.

Vonne: Huisvrouw van de clan van de Beer.

 

W

             Willom: Voormalig smid en nu geestelijk leider van de bevolking van Nagel.

Witgoor: Het meest noordelijk gelegen stadje van enig belang. Het is een verzamelpunt voor de vele pelsjagers die hier overwinteren.

Witte: De naam die Loye aan zijn hondpaard geeft.

Witte Dame: Haar echte naam is Moaighui L’Amhoirghen. Ze is eeuwen oud en zou rechtstreeks afstammen van het ras dat voor de Grote Oorlog de wereld domineerde.

Witte krijgers: Benaming voor de soldaten van de Witte Dame. Ze dragen witte wapenuitrustingen die wel van ijs lijken gemaakt te zijn.

Wolfstee: Het kasteel dat de oorspronkelijke thuis is van Gewo.

 

Y

            Yaedi: (Ja-edi) Man van Dhûbh.

Ys: Benaming van het ijzige land in het noorden. Een deel ervan wordt ook wel “het levende ijs” genoemd omdat het vooral pakijs is dat regelmatig in beweging is.

Yzren: Eiland waar de school van Dhûbh gelegen is.

 

Z

            Zeehond: Schip van de Hond.

Zoeker: Een man van Dhûbh die terugkeert om Meester te worden.